Beschrijving

Recensie

Martijn Nicolaas
De 9-jarige Mees is met zijn vader op reis in de Andes in Peru, omdat zijn vader daar een reportage maakt over een restaurant voor kinderen dat opgezet is door een Nederlandse vrouw. Al snel sluit hij vriendschap met Amilcar, een jongen uit de bergen die heel goed stenen kan slingeren. Als Amilcar na een ruzie plotseling verdwijnt, gaat Mees hem in de bergen zoeken. Een spannend jongensverhaal, vlot verteld met veel dialogen en een berggeest ‘El suspiro’ in een duistere bijrol. De auteur schreef deze uitgave in de serie ‘Rugzakavontuur’, niet te dikke kinderboeken voor op vakantie van uiteenlopende schrijvers als Rindert Kromhout, Hans Kuyper en Lydia Rood. Op de website staan bij elk deel van deze serie leuke vakantietips, die ook achter in elke uitgave staan. Bij dit boek vind je tips voor wandelen en kamperen in de bergen. De grappige zwart-witte aquareltekeningen illustreren het verhaal. Achterin staat informatie over het project van de Nederlandse vrouw. Vanaf ca. 9 jaar.
© NBD Biblion
De reeks 'Rugzakavontuur' bestaat uit avonturenboeken waaraan reeds heel wat bekende auteurs meewerkten, zoals Anna Woltz, Niels Rood, Rindert Kromhout, Anna van Praag, en Lydia Rood. In Bliksem in de bergen gaat Mees met zijn vader op reis naar de Andes in Peru. Zijn vader maakt een reportage over het Niños-restaurant, een restaurant waar arme straatkinderen kunnen eten. Mees voelt zich niet erg op zijn gemak tussen al die hongerige kinderen. Maar wanneer hij zijn bord eten aan Amilcar, de jongen naast hem, geeft, maakt hij een vriend, want ‘alleen een vriend geeft zijn eten weg,’ besluit Amilcar. Amilcar leert Mees slingeren. Dat avontuur eindigt in een ruzie en Mees' nieuwe vriend verdwijnt. De volgende dagen is er geen spoor van Amilcar en Mees trekt de bergen in om hem te zoeken.Karen Van Holst Pellekaan gebruikt een eenvoudige taal met levendige dialogen die het verhaal vaart geven – soms te veel vaart, want op dit punt in het verhaal gaat alles plots wel heel snel. Mees vindt Amilcar en redt hem. Amilcar moet vechten voor zijn leven, maar de reddingsactie laat weinig aan de verbeelding over en is nergens spannend: ‘Amilcar hangt spartelend aan het koord. Hij is er nog. Daar, vlak onder Mees, vechtend voor zijn leven! (…) Met alle kracht die hij heeft zet Mees zich schrap. Het voelt alsof zijn lijf uit elkaar getrokken wordt.’
De redding en het gevaar dat daarmee gepaard gaat weet niet echt te overtuigen en het is vooral het Niños-project dat de aandacht trekt. Dit project bestaat echt en achter in het boek krijgt de lezer er meer informatie over. Zes dagen per week komen ongeveer 600 kinderen eten in vijf kinderrestaurants. Amilcar moet wel vijf uur lopen voor een bord eten, iets waarvan Mees erg onder de indruk is. Net als van het feit dat de kinderen uit Peru sandalen maken van oude autobanden terwijl hij klaagt over een beetje modder op zijn nieuwe sportschoenen. Amilcar kijkt bewonderend naar de schoenen van Mees en concludeert dat zijn moeder wel heel erg veel van hem moet houden. Mees vindt dit een opmerkelijke uitspraak. Alle moeders houden toch van hun kinderen?
Tijdens zijn reis naar Peru leert Mees dat niet iedereen hetzelfde geluk heeft als hij. Deze verschillen worden echter niet zwaar beladen gepresenteerd. Integendeel, ze zijn hier en daar verweven doorheen het verhaal alsof ze geen verdere uitleg nodig hebben, wat jammer is, want zo blijf je met heel wat vragen zitten. Zo weten we dat de vader van Amilcar drinkt en geweld gebruikt, maar verder wordt er geen aandacht aan besteed. Wel treffend is dat Mees zich terecht afvraagt: ‘Maar als er zoveel aardappelen zijn, waarom hebben zo veel kinderen dan honger?’
Van Holst Pellekaan schreef met Bliksem in de bergen een levendig verhaal zonder dat het echt spannend wordt. Het begint sterk met de tocht naar het dorp en de kennismaking met de kinderen in het Niños-restaurant, maar dan gaat het allemaal te snel: de zoektocht naar Amilcar, de redding, de kennismaking met het dorp van Amilcar en het afscheid. Het boek leest vlot maar er gebeurt teveel op korte tijd waardoor je met veel vragen blijft zitten. [Emilie Vanpeteghem]
Copyright (c) Vlabin-VBC20120215http://www.deleeswelp.be