Beschrijving

Recensie

De Rode Boom

Annie Beullens, 22 januari 2015
Dit prachtige prentenboek beschrijft in tekst en tekeningen op een beklemmende manier het verloop van een depressie. Een klein meisje staat alleen op een krukje in een heuvelachtig landschap. Ze roept iets door een megafoon, maar de woorden verbrokkelen in losse letters. Dat is de beginprent. Op de keerzijde staat een scheefgezakte pendule in wat een korenveld zou kunnen zijn. Het doet surrealistisch aan. En dan pas begint het verhaal, het zijn eigenlijk korte zinnen bij de prenten. Soms begint een dag en is er niks om naar uit te kijken. Een meisje zit rechtop in bed en er dwarrelen enkele verdorde bladeren in de kamer neer. Het wordt erger, zo erg dat de kamer vol raakt en het meisje naar buiten loopt. Daar wordt het alleen erger: een zieltogende reuzenvis zweeft boven de straat. Ze heeft het gevoel dat niemand haar begrijpt en ze kruipt in een fles. De wereld wordt doof. Geen doel, geen gevoel. Een uitzichtloze doolhof staat op een grote dubbele prent. Het duurt eindeloos, je draait als in een slakkenhuis om en om en als er al iets moois zou gebeuren, je ziet het niet. Je weet niet wat je moet doen of laten. Geen toekomstplannen. En dan plotseling groeit er iets vlak voor je, het heeft kleur en het gloeit en het wacht op je. Precies zoals je had gehoopt.
Het boek eindigt hoopvol; het wordt terecht een troostrijk meesterwerk genoemd. De prenten zijn niet zomaar tekeningen, het zijn stuk voor stuk kunstwerken. Soms in de richting van Dali en Magritte, soms zijn het collages, dan weer naïef. Shaun Tan, eerder al succesvol met 'De Aankomst', is een meester in het trefzeker tekenen van gevoelens. Dit is niet meteen een boek voor jonge kinderen, eerder voor pubers en volwassenen. Een boek waar je stil van wordt.
22 januari 2015© Pluizer32http://www.pluizer.be
Toin Duijx
Soms is er gewoon niets om naar uit te kijken. Lijkt alles zinloos en leeg. Zo voelt het meisje in dit boek zich ook. Ze voelt zich niet begrepen, depressief, tot zij ziet hoe een klein zaadje kan uitgroeien tot een mooie, bloeiende rode boom. Er is in dit magnifieke, kunstzinnige prentenboek amper sprake van een echt verhaal, maar meer van een impressie van het depressieve gevoel van een meisje. Haar gevoelens zijn aangrijpend herkenbaar en visueel fantastisch weergegeven. In poëtische taal (schitterende vertaling van Bart Moeyaert) worden de gevoelens beschreven (‘of wie je van plan was te zijn / je weet niet waar je blijven moet.’). Het verhaal is wensvervullend, want uiteindelijk ‘groeit er iets vlak voor je / het heeft kleur en het gloeit / en het wacht op je / precies zoals je had gehoopt.’ In de soms onheilspellende illustraties is de invloed van veel kunststromingen te herkennen. Geen prentenboek voor een groot publiek, maar voor kunstliefhebbers, zowel jong als oud. De Australische illustrator won in 2011 de Astrid Lindgren Memorial Award voor zijn volledige oeuvre en kreeg vooral veel bekendheid met zijn graphic novel ‘De aankomst’*. Een uitermate mooi vormgegeven prentenboek voor alle leeftijden om samen te bekijken en over te praten. Vanaf ca. 9 jaar.
© NBD Biblion
Het donker besluipt je
 
The red tree van Shaun Tan (Perth, 1974) dateert al van 2001 en geldt in Australië, het geboorteland van de tekenaar, als zijn populairste boek. Toch verscheen het pas dit jaar in het Nederlands en wel in een vertaling van Bart Moeyaert. Het boek, dat door Simone van Driel in NRC Handelsblad werd getypeerd als het ‘donkerste prentenboek’ dat ze ‘ooit las’ (‘en het mooiste donkere’ voegde ze er aan toe), wordt gedragen door korte poëtische zinnen. Het is een loodzwaar, somber gedicht dat in zinnetjes van gemiddeld zes woorden over de geïllustreerde pagina’s is verdeeld:

soms begint een dag
en is er niks om naar uit te kijken
soms wordt het er niet beter op
het donker besluipt je
niemand begrijpt je
de wereld wordt doof
geen doel
geen gevoel
je wacht en wacht en wacht en wacht
en wacht en wacht en wacht
maar er gebeurt nog altijd niks

muizenissen worden reusachtig
voor het MOOIE heb je geen oog
het komt NOOIT MEER goed
je weet niet wat je moet doen of laten
of WIE je van plan was te zijn
je weet niet waar je blijven moet
en de dag lijkt te eindigen
zoals hij is begonnen
maar plotseling groeit er iets
vlak voor je
het heeft kleur en het gloeit
en het wacht op je
precies zoals je had gehoopt
 
Wie in De rode boom begint te bladeren wordt geleidelijk aan meegezogen. Het duurt even voor het boek begint. Waar begint het eigenlijk? Er is geen echte titelpagina. Op het zacht grijs gemêleerde schutblad dwarrelt een miniscuul dor blaadje naar beneden. Je ziet het dunne kronkelige spoor dat het in de lucht maakte. Er zitten wat sprongetjes in maar het blaadje zakt ontegenzeggelijk naar beneden.
De eerste illustratie toont een roodharig meisje dat op een krukje staat in een glooiend groen landschap. Zij houdt een rode toeter voor haar mond waaruit vele kleine lettertjes stromen: h, f, a, m, r, u, e, n, o, b… Niet zo maar letters, maar mooie letters met schreven, drukletters. Ze verspreiden zich over de volgende bladzijden.
Het frontispiece bestaat uit een beeld van een staande klok in een korenveld tegen een felblauwe lucht. De achtergrond is een directe verwijzing naar het werk van Vincent van Gogh, maar de klok zelf, beplakt met oude postzegels en foto’s, is symbolistisch en surrealistisch tegelijk. Hij zal wel naar het verleden verwijzen. De klok staat op één voor twaalf, de cijfers op de wijzerplat worden door bruine blaadjes gevormd, alleen de twaalf is rood. In het hokje waar bij koekoeksklokken normaal gesproken het vogeltje zit, staat een helder rood nestje met een stralend wit eitje erin. Een lange lijn kronkelt daar vandaan over de pagina ernaast en dan naar beneden, waar een kleine gele vogel met rode poten aan de rondgestrooide lettertjes staat te pikken. Deze bladzijde zou de titelpagina moeten zijn, maar er staat op het eerste gezicht alleen ‘voor inari’, in getekende drukletters. Alleen wie heel goed kijkt kan verspreid over de grond toch een titel vinden. En daarmee wordt de toon gezet. Wie heel goed kijkt ziet steeds meer in dit boek.
Dat geldt eigenlijk voor alle boeken van Shaun Tan en zeker voor het internationaal zeer geprezen The arrival (Melbourne 2006), bij ons verschenen als De aankomst (Querido, 2008), een boek over immigratie, dat geen woord bevat en alleen drijft op vele, gedetailleerde monochrome beelden. In een interview met NRC Handelsblad naar aanleiding van zijn bekroning met de Astrid Lindgren Memorial Award 2011 vertelde Tan eerder dit jaar dat hij zichzelf niet als een illustrator beschouwt, niet als iemand die met zijn tekeningen een visueel sausje giet over een textueel verwoord idee. Naast elkaar gezet gaan tekst en beeld een relatie met elkaar aan, aldus Tan, maar woorden versnellen het lees/kijkproces. Door elke tekst weg te laten heeft de tekenaar het verhaal van De aankomst bewust vertraagd. Traag zou je ook De rode boom, dat zeer weinig woorden bevat, moeten bekijken.
Shaun Tan zoekt in zijn boeken bewust de spanning tussen de bekende en de bevreemdende wereld op. In De rode boom geeft hij daar op veel verschillende manieren uiting aan. Bladzijde na bladzijde wordt telkens een aspect van somberheid en depressie gevisualiseerd, die samen het hierboven geciteerd gedicht vormen. Bij de zin ‘de wereld wordt doof’ heeft Tan in paarsig-grijze pasteltinten een Egyptische tempelwand neergezet aan de voet waarvan eenvormige mensen met uitdrukkingsloze gezichten voortlopen, langs geometrische decoraties. De hoofdpersoon, het roodharige meisje, troont daar middenvoor iets boven uit. Ze opent net onder haar borstbeen een klepje met een zwevend gloeilampje erin. Het geeft weinig licht, ze lijkt gewoon te controleren of het er nog zit, haar hoofd hangt naar beneden. Roept deze prent herinneringen op aan de ingehouden vormentaal van Paul Klee, verderop, bij ‘Je weet niet wat je moet doen of laten’, staat het meisje in een Jeroen Bosch-achtig decor op een toneel. Ze is gekleed als een middeleeuws kind dat straf heeft en omringd wordt door bizarre, surrealistische figuren. Op weer een andere prent lijkt een detail uit het werk van Bosch of Brueghel juist enorm uitvergroot. Het meisje steekt schriel en klein af tegen de grove penseelstreken in vlammend rode tinten.
Het is duidelijk dat Shaun Tan geen associatief, vanuit zijn gevoel werkende kunstenaar is. Hij heeft kunstgeschiedenis en literatuur gestudeerd en doet veel onderzoek voor zijn boeken. Je kunt bijvoorbeeld zien dat zijn fabeldieren op echte dieren berusten, en dat hij ook die echte dieren zeer gedetailleerd kan tekenen.
Maar het aardige van een boek als De rode boom is gek genoeg ook de taligheid ervan. De kunstenaar stopt  allerlei vreemde en minder vreemde woorden in zijn tekeningen. Een van de platen bestaat uit een gedetailleerde collage samengesteld uit Engelstalige en Chinese kranten, vol huizen, muren, vliegtuigen en vierkante koppen. De beelden verwijzen naar de hele wereld.‘Geen doel, geen gevoel’, luidt de dichtregel. Saillante woorden zijn apart uitgeknipt: reading, words, meaning, falling, undisclosed. Het roodharige meisje klimt er op een dun laddertje naar toe. Haar gezicht is bleek.
De rode boom wordt doorgaans bestempeld als een somber boek, ook al laat Tan het hoopvol eindigen:

maar plotseling groeit er iets
vlak voor je
het heeft kleur en het gloeit
en het wacht op je
precies zoals je had gehoopt

De somberheid zit hem vooral in de tekst. De beelden relativeren mijns inziens de somberheid van dit boek behoorlijk, omdat ze absurd zijn, onrealistisch, en daardoor humor bevatten. Ze roepen op zijn minst een glimlach op. Maar lachen en humor zijn natuurlijk beladen woorden als het over depressie gaat. [Saskia De Bodt]
Copyright (c) Vlabin-VBC20111231http://www.deleeswelp.be