Beschrijving

Recensie

Wat doet Kobe in die doos?

Ilse Verhulst, 22 januari 2015
Wanneer Leopold op zijn gloednieuwe fiets voorbij z’n vrieden rijdt, staren die hem allemaal aan. Behalve Kobe. Kobe zit in zijn doos. Hij is helemaal niet geïnteresseerd in die nieuwe fiets van Leopold. Nee, Kobe heeft iets veel leukers te doen. Hij fantaseert! Hij droomt dat zijn doos plots een raceauto is die hem ervoor behoedt vertrappeld te worden door een heuse neushoorn. Hij fantaseert dat zijn auto in het oerwoud plots een mand wordt op de rug van een olifant. Zo kan hij veilig door het woud geraken. Hij fantaseert erop los. En Leopold, die vindt het maar niks. Zulke dingen bestaan toch niet!!! Op het einde van Kobes reis zitten al zijn vrienden mee in de doos van fantasie.  Zal Leopold uiteindelijk ook in de doos stappen?
De illustraties in dit boek zijn heel apart. De prenten zijn foto’s, opnames van compilaties van ‘fimokleifiguren en echte voorwerpen’. Kobe is een heel grappig ventje met piekharen. Leopold is veel minder leuk uitgewerkt. Misschien is dat wel het opzet geweest van de auteur.  Dat de figuur van Leopold iets nors, afstandelijks uitstraalt. Dit is hem alvast gelukt!
Het lettertype dat de auteur gebruikt, als van een oude schrijfmachine, geeft ook een leuk extraatje. Misschien leest het niet altijd even vlot maar de karakters ogen wel iets speels en vrolijk.
Het verhaal en thema zijn niet echt vernieuwend. Maar het is zeker een leuk verhaal om voor te lezen en menig kleuterjuf zal dit boek goed kunnen gebruiken bij het uitwerken van thema’s zoals ‘dozen’, ‘fantasie’, reizen,...
22 januari 2015© Pluizer25http://www.pluizer.be
W. van der Pennen-Schleicher
Dit prentenboek is een pleidooi voor de fantasie. Het jongetje Leopold schept nogal op over zijn gloednieuwe fiets, maar Kobe is niet onder de indruk: hij heeft een kartonnen doos, die, als de omstandigheden daarom vragen, verandert in een supersnelle auto, een mand op de rug van een olifant, een veilige hut om te schuilen, het mandje van een luchtballon, enz. En welke geweldige zaken van zijn vader Leopold er ook tegenover zet, Kobe – en al snel ook de rest van de kinderen – heeft toch het liefst zijn doos om mee te spelen. Bovendien gunt hij de nogal onuitstaanbare Leopold zijn plek in de doos. De tekst staat gedrukt in de illustraties, die steeds twee pagina's beslaan. Er is gebruikgemaakt van verschillende lettertypen, onder meer een soms lastig te lezen letter die van een ouderwetse typemachine met dichtgelopen lint afkomstig lijkt. De illustraties zijn kleurrijke foto's van scènes uit het verhaal, met figuurtjes van plasticine, maar waarin ook stof, papier, klei en andere materialen zijn gebruikt. Een boek met een duidelijke boodschap, modern uitgevoerd, dat de fantasie prikkelt en vraagt om nagespeeld te worden. Debuut van een Vlaamse illustrator die in 2010 een van de genomineerden was voor de Key Colours illustratorenwedstrijd. Vanaf ca. 4 jaar.
© NBD Biblion
Leopold heeft een spiksplinternieuwe rode fiets die hij meeneemt naar de speelplaats. Hij rijdt zelfs een extra rondje zodat iedereen hem zeker gezien heeft, maar dan knalt hij tegen een kartonnen doos aan. Leopold valt op de grond en heeft zich bezeerd, maar hij is vooral boos op Kobe, die in de doos zit. Dan begint Kobe te vertellen dat zijn doos eigenlijk helemaal geen gewone kartonnen doos is, maar een auto, een hut, een luchtballon en nog veel meer. Kobe neemt zo Leopold en de andere klasgenootjes mee op zijn fantastische reis. In het begin gelooft Leopold er niets van, maar na een tijdje beginnen de avonturen van Kobe toch wel heel leuk te klinken, misschien wel leuker dan een fiets.
Wat doet Kobe in die doos? is echt een boek op kindermaat. Het vertelperspectief gaat uit van Kobe en Leopold en Axel Janssens gebruikt hapklare, duidelijke taal: ‘Leopold is gevallen. Hij heeft pijn, maar is vooral erg boos.’ Ook het verhaal zelf knoopt meteen aan bij de leefwereld van kleuters: alles speelt zich af op de speelplaats, Kobe is een jongetje vol fantasie dat uitgelaten vertelt over al zijn avonturen en dan is er Leopold die weigert hem te geloven. Volgens Leopolds papa kan het niet, wat Kobe allemaal vertelt. 
Af en toe durft het boek wat clichématig uit de hoek te komen en zijn personages een beetje karikaturaal. Het idee van de eenzame dromer en het rode fietsje dat symbool staat voor populariteit, zijn niet erg origineel. Ook de illustraties overdrijven de emoties van voornamelijk Leopold nogal. Voor mij begint het verhaal echt aan te spreken vanaf het moment dat Kobe begint te vertellen over zijn avonturen. De doelgroep zal zich zeker aangesproken voelen door de fantasie en de verwondering en op geen enkel moment niet kunnen volgen. Ondanks de overdreven emotie op het gezicht van Leopold, zijn de illustraties van Janssens prachtig. Ze bestaan uit foto’s van taferelen en figuurtjes geboetseerd uit klei, plasticine en andere materialen, zoals karton voor de kartonnen doos en peterseliestengels voor bomen. Deze creatieve, inventieve prenten ondersteunen het thema fantasie op verrassende wijze en houden de aandacht van de lezer op het blad. Ook aan de typografie is aandacht besteed. Wanneer Leopold boos is, valt dat meteen op door de lettergrootte, en er is een verschil in lettertype tussen wat een personage zegt en wat de verteller zegt. Janssens draagt dit boek op aan diegenen die vergeten zijn om hardop te dromen…’, maar ook voor groot en klein met een hart vol dromen is dit verhaal een aanrader. [Margot Van Dingenen]
Copyright (c) Vlabin-VBC20120930http://www.deleeswelp.be