Beschrijving

Recensie

Hugo's geniale wereld

Nicole Verbeke, 23 november 2015

Hugo vindt van zichzelf dat hij slim en heel cool is. Maar in feite is hij eerder een kluns en een loser. Hij is verliefd op Viola, maar zij kijkt niet eens naar hem om. Hij wil haar veroveren als een echte sportheld. Hij probeert heel wat sporttakken uit: voetbal, handbal, judo,... Maar ze vallen één voor één heel erg tegen. Hij wurmt zich zelfs binnen op Viola's balletles, geeft de strenge balletjuf lik op stuk en wekt zo eindelijk Viola's interesse.

Het verhaal is geschreven in de ik-vorm, waardoor je in de huid van het hoofdpersonage kan kruipen en alles bekijkt vanuit zijn standpunt. Misschien kunnen elfjarigen er zich wel in herkennen en het grappig vinden, mij komt het overdreven jongerentaaltje dat gebruikt wordt heel geforceerd en onecht over.


23 november 2015© Pluizer167http://www.pluizer.be
Drs. A. ten Bruggencate
Brugklasser Hugo is ervan overtuigd dat hij superslim is en een grote ster kan worden in voetbal of handbal of judo of zelfs ballet. Dan zou Viola, het meisje uit de derde klas, hem wel zien staan. Het is alleen lastig om mensen ervan te overtuigen zijn bijzondere gaven te erkennen. Om zijn doel te bereiken heeft Hugo geniale invallen die meestal verkeerd uitpakken. Dit grappige boek over antiheld Hugo is in de ik-stijl geschreven; hierdoor kan de lezer goed meeleven met de belevenissen van deze licht irritante en van zichzelf overtuigde prepuber. De tekst is vlot leesbaar met korte zinnen in de spreekstijl van middelbare scholieren. De bladspiegel is ruim en de letters zijn groot gedrukt. De hoofdstukken zijn apart getiteld. Grappige tekeningetjes completeren de tekst. De onzekerheden van 12-jarigen worden aangestipt, maar door Hugo’s bijzondere benadering van de problemen, worden ze minder zwaar. Dit komische verhaal zal zowel jongens als meisjes vanaf ca. 10 jaar aanspreken en is heel geschikt om voor te lezen vanaf groep zeven.
© NBD Biblion
Hugo Kotsbos is tot over zijn oren verliefd op Viola uit de derde klas. Zelf zit hij in de eerste klas en moet hij opboksen tegen een gel-god zoals James-Brian. Maar niet getreurd, hij ziet zichzelf niet voor niets als een sportkanon. Vol goede moed probeert hij dit dan ook aan de wereld te bewijzen. Na een mislukte poging op het voetbalveld waagt hij zijn kans als handballer. Als hij echter hoort dat de jongens en meisjes gescheiden trainen dan is voor hem het sop de kool niet waard en vertrekt hij zonder het veld te betreden. Heel even komt hij in contact met judo als zijn vader hem vraagt om flyers uit te delen voor zijn verkiezingscampagne tijdens een huldiging van judoka’s. Hugo komt niet op de tatami maar op het podium terecht, waar hij enige bewondering oogst met een speech over zijn vader. Een volgend succes behaalt hij als hij via het schoolforum indruk maakt op een meisje dat waarschijnlijk Viola is. Uiteindelijk plant hij om zijn sporttalent aan te wenden om tijdens een balletles indruk te maken op Viola.
Hugo’s geniale wereld wordt verteld vanuit het perspectief van Hugo. Hij heeft een enorme dunk van zichzelf en op geen enkel moment twijfelt hij aan zijn eigen capaciteiten. Omdat hij vaak neerkijkt op zijn leeftijdsgenoten krijg je als lezer een sterke relativering van de huidige jongerencultuur. De humor spruit vaak voort uit het contrast tussen Hugo’s opvattingen over de wereld, vaak gebaseerd op zijn kennis uit tv-programma’s, en de werkelijkheid. Zo kent hij de voetbalwereld enkel van tv en hij snapt dus niet waarom niet alle wedstrijden aanvangen met het zingen van het volkslied. Af en toe drijft Sabine Zett het wel wat te ver, want welke jongen van twaalf weet nu niet wat ballet is?
De auteur hanteert een vlotte jongerentaal aangevuld met rapperstaal en heel wat Engelse en Noord-Nederlandse woorden. De personage zijn zich zeker bewust van hun taalgebruik en de auteur maakt hier gebruik van om de karakters zo nu en dan met taal te laten spelen. Het boek werd uit het Duits vertaald en er werd duidelijk voor de Nederlandse markt gekozen. De voetbalverslaggever Jack van Gelder kan hoogstens bij de Nederlandse jeugd een belletje doen rinkelen en D1 en D2 voetbalploegen sluiten enkel aan bij de leefwereld van Nederlandse jongeren. De cartoonachtige tekeningen van Ute Krause tussen de tekst door verhogen de pret. Ze illustreren niet alleen de grappige situaties, maar geven soms ook de verbeelding van Hugo weer. Hier en daar heeft de illustrator ook een tekstballon met een belangrijke uitroep tussen de tekst opgenomen. Een grappig boek dat vlot inspeelt op de huidige jongerenwereld, maar soms doorgedreven naïef overkomt en wel heel positief eindigt. [Natascha Coene]
Copyright (c) Vlabin-VBC20140415http://www.deleeswelp.be