Beschrijving

Recensie

Julienne van den Heuvel
Verzameling ritmische versjes, handspelletjes en een paar liedjes, zowel bekende als nieuwe, om met jonge kinderen uit te voeren. In een inhoudsopgave is een indeling aangebracht in bijvoorbeeld aantal kinderen, spelletjes op schoot of met kleine attributen. Bij de versjes zelf staan echter geen spelaanwijzingen, maar een groot aantal worden verbeeld op de bijgeleverde dvd. Per dubbele pagina staan een tot vier versjes, voorzien van goed passende, zorgvuldig gemaakte kleurenillustraties, bij bijna elk versje een. Met een inleiding van de auteur. Fraai vormgegeven, waardevolle uitgave op glanzend papier die een peuter- en kleuterleven meegaat. De versjes stimuleren de taalontwikkeling en die van de motoriek en bieden interactief leesplezier. Aanrader voor thuis, in de kinderopvang en de kleutergroepen. Vanaf ca. 2 t/m 6 jaar.
© NBD Biblion
In De wereld in mijn handen opent Kristien Dieltiens haar verzameldoos vol oude hand- en vingerversjes. Hansje Pansje kevertje, kabouters Snik en kabouter Snak, Jantje, Pietje en Grietje, Moriaantje zo zwart als roet, ze wonen er allemaal. Veertien engeltjes wijzen me net als veertig jaar geleden, de weg. Mijn grootmoeder is er al lang niet meer, maar haar stem vind ik terug in Dieltiens oude doos. '’s Avonds als ik slapen ga / lopen mij veertien engeltjes na / Twee aan mijn hoofdje / twee aan mijn voetjes / [...] twee die me wijzen / naar ‘s hemels paradijzen.’
‘Onze handen toveren’, stelt Dieltiens in het voorwoord. ‘Met onze handen scheppen we een wereld van beelden die de kinderlijke creativiteit en fantasie ontwikkelen. [...] die hebben we nodig om inhoud en kleur aan ons leven te geven.’ Op de meegeleverde dvd laat de auteur zien hoe je met vingers en handen een fascinerend poppenspel kan spelen. En ‘zien doen, doet doen’. Je moet geen ervaren speler zijn om kinderen te boeien. Tantes, opa’s en moeders demonstreren het en scheppen daar duidelijk plezier in. Het werkt aanstekelijk. Ik ontdek nog meer versjes die ik ken. Mijn handen vinden als vanzelf de oude bewegingen terug. Die komen niet altijd overeen met wat ik zie. Net als de tekst blijken de bijbehorende bewegingen varianten te zijn.
‘Hun bewegingen kunnen inspireren,’ zegt Dieltiens, ‘maar ga zeker ook zelf op zoek naar het beeldkarakter van een beweging. Het is voor een volwassene even leuk als voor een kind.’ Zeker! Ook wat rijmen en dichten betreft. Niets houdt de lezer tegen om, net als Dieltiens zelf, een paar eigen taalbrouwsels op te dienen.
Milja Praagman creëerde beelden die qua sfeer zowel nostalgisch als hedendaags pittig zijn. Snik en Snak, dun met zwart omlijnde figuurtjes, kijken vinnig uit een roze geschilderde vestonzak. Er zit heerlijke humor in de prenten: het fluitketeltje in ‘Keteltje dik van buik’ loopt op dunne beentjes en kreeg een pofbroek aan; uit zijn tuit spuit niet de traditioneel kronkelende damp, maar blauwe waterverf. In Praagmans versie is Moriaan een deftig heertje, een pikzwart schaduwfiguur dansend neergepoot op een blauwe haai, een exotisch rood parasolletje in de hand. Wat een heerlijke vrolijkheid! Dieltiens stelde dit boek samen omdat ze deze culturele schat niet verloren wil laten gaan. Uitgeverij De Eenhoorn maakte er een extra verzorgde uitgave van. [Gerda Tersago]
Copyright (c) Vlabin-VBC20140331http://www.deleeswelp.be