Beschrijving

Recensie

Els van Geene
Dichter en wetenschapper Jan Lauwereyns (1969), die ook het Gedichtendagessay 2011 schreef ('De smaak van het geluid van het hart'*), is heel dicht bij zichzelf gebleven in zijn visie op poëzie. Die moet z.i. meer 'gewaarworden' dan 'waarheid' uitdragen. Dit is echter alleen het geval in de eerste en de laatste cyclus van zijn bundel. Hier is sprake van een zangerigheid en een lichtheid die de mystieke verrukking dicht nadert. 't Is een ode aan de meisjesfiguren Else en Merel, die met hun 'sterrenloze blauwigheid' invulling geven aan het hemelsblauw van de titel: 'jij zachte wiskunde, die mij bent / Ik rafelige biologie, die jou vorm.' En je denkt dan als lezer onmiddellijk aan de prachtig blauwe omslag met het bonzaiboompje op de voorgrond. In de andere drie cycli raast de erudiete dichter door de geschiedenis van de mensheid en vertolkt hij de bekende 'groene' standpunten over de natuur en de bestrijders daarvan. Soms doet hij dat door ondoorgrondelijke associaties, dan weer door het gebruik van een soort stameltaal, al even hermetisch. Als neurobioloog Lauwereyns die overladen en vermoeiende denkprocessen achterwege zou laten, houdt de lezer mooie poëzie van een dichter over.
© NBD Biblion