Beschrijving

Recensie

Albert Hagenaars
‘Binnenplaats’ van Joost Baars (1975, Leidschendam) wordt gepresenteerd als zijn poëziedebuut, maar feitelijk is het in 1999 verschenen bundeltje 'Inwezigheid' dat. In de tussentijd was Baars ook actief met andere literaire activiteiten, onder andere als boekverkoper. Deze lijviger uitgave bestaat na een inleidend gedicht uit vier afdelingen. Hoewel ze onderling verschillen, klinkt Baars’ eigenheid overal stevig door. Die staat op veel poten. Hij kent een groot belang toe aan het formaliseren van gedachten, stelt geraffineerde zinsstructuren samen met onder andere spiraalwerking, gebruikt neologismen als ‘stomspraak’, ‘berg-baaierende’ en ‘nage-oehoet’ en zet een ontregelende interpunctie in. Niet altijd houdt hij de zuiverheid van overdracht daarbij vrij van effectbejag. Enkele motieven zijn hart (pontificaal afgebeeld op de omslag), vogels en de kosmos. Baars is door meerdere thema’s geboeid, vooral degene in het spanningsveld leven en dood. Treffend is: 'Ik ben gal, ben maagzuur. Gods diepste beschik / Smaakt bitter op mijn tong: die smaak was ik; / Skelet in mij, vlees vol, bloed vult de trog'. Een themarijk debuut vol boeiende ideeën, maar ook met meer technische trucjes dan de boodschap lief is.
© NBD Biblion