Beschrijving

Recensie

Met Alles staat stil (Li 2001, p. 119) maakte Kurt de Boodt alleszins een opgemerkt debuut. De bundel bevatte een aantal gedichten bij schilderijen. Ook in Moules belges vormen plastische kunstwerken het vertrekpunt van de poëzie. Toch beperkt De Boodt zich niet tot een weergave van het kunstwerk dat hem als inspiratiebron heeft gediend. De dichter gebruikt veeleer plastische kunst van zowel contemporaine als klassieke kunstenaars (van Goya en Brancusi tot Broodthaers en De Cordier) als model voor zijn eigen visie op de mens. Daarbij wordt de dichter vooral gefascineerd door de lichamelijke zijde van de mens, en door de kwetsbaarheid en de onbeholpenheid die daarmee samenhangen. Van een zelfgenoegzaam, rationeel subject is doorgaans geen sprake. Via de zintuigen worden personages niet enkel waargenomen, maar ook ontmaskerd. Soms leidt deze ontnuchterende confrontatie tot een tragische of cynische kijk, maar over het algemeen kiest de dichter toch voor enige relativering. Alles staat inderdaad stil, door de fixerende blik én door de wijze waarop het gedicht stilstand verbeeldt, maar tegelijk is alles permanent in beweging. Dat geldt ook voor deze gedichten die veelal duidelijk naar een soort van pointe zijn toegeschreven. Dit is alleszins boeiende lyriek van een verdienstelijk dichter. [Dirk De Geest]
Copyright (c) Vlabin-VBC2003http://www.deleeswolf.be