Beschrijving

Gloed

Boek
Nederlands
Uitgegeven
door Wereldbibliotheek in
Samenvatting
Als twee jeugdvrienden elkaar na veertig jaar weer ontmoeten, blijkt dat zich destijds een tragedie tussen hen heeft afgespeeld met betrekking tot de vrouw van een van hen.

Recensie

Redactie
De Hongaarse schrijver (1900-1989), die volkomen vergeten in San Diego zelfmoord pleegde, is herontdekt. Deze roman dateert uit 1942. De oude generaal Henrik, die tientallen jaren eenzaam heeft geleefd, krijgt een brief van zijn jeugdvriend Konrád, die lang geleden naar de tropen was vertrokken nadat er tussen hem en Henrik iets was voorgevallen. Dit had te maken met Henriks mooie vrouw Krysztina, die kort voor Konráds vertrek met Henrik was getrouwd. In de brief kondigt Konrád zijn bezoek aan. Henrik bereidt zich er zorgvuldig op voor en als zijn vriend verschijnt, ontvouwt zich in Henriks monoloog - Konrád luistert slechts - de tragedie die zich ruim veertig jaar geleden heeft afgespeeld. De roman heeft een spannende plot die uitstekend in elkaar zit en waarbij goed gebruik wordt gemaakt van het verschil tussen de beide vrienden (de ene soldaat, de andere kunstenaar) die samen een geheim delen. Een terechte herontdekking, lezenswaardig voor een ruim publiek. Deze eerste vertaling is inmiddels gevolgd door een aantal andere. Gebonden; kleine druk.
© NBD Biblion
Literatuur is voortdurend aan evaluatie toe. Elke generatie kijkt anders aan tegen de literatuur die eerder geschreven werd. Ze schrapt, voegt toe, morrelt aan de bestaande beeldvorming. Maar nog nooit veranderde dat beeld zo drastisch dan in die landen, waar achter het beruchte gordijn de canon voor literatuur zo streng omlijnd was. Zoveel bekende en zoveel voordien onbekende auteurs bleken in talloze laden werk te hebben liggen, dat vóór de jaren '90 geen kans had gekregen en waarvan de publicatie drastische gevolgen had. De literatuurgeschiedenissen van Rusland, Tsjechië, Polen enz. moesten grondig herwerkt worden. Ook Hongarije vond veronachtzaamde grootheden terug. De grootste is misschien wel Sandor Márai.
Gloed verscheen in 1942 en beschrijft een gebeuren dat afloopt in 1940, maar dat enkel de finale vormt van een geschiedenis die in de Oostenrijkse glorietijd van voor de Eerste Wereldoorlog is gesitueerd. Het verhaal speelt zich af in een somber, eenzaam slot aan de voet van de Karpaten, waar in de lange gangen, de gewelfde kamers, de wijnkelders en de parken nog de feesten, de jachtpartijen en de bals nazinderen. In een paar kamers van het slot leeft de 73-jarige Henrik, zoon van een gardeofficier en zelf voormalig generaal van het Oostenrijks-Hongaarse leger, in een volslagen eenzaamheid, waarin alleen zijn 91-jarige vorige min nog de herinnering aan vroeger bewaart. Op de achtergrond nog enkele schimmige bedienden. Het drama zet op klassieke wijze in: een bode brengt een brief. Een gast meldt zich aan. Na 41 jaar wachten zal de generaal zijn vriend Konrád terugzien. Een identiek feestmaal als bij hun afscheid, meer dan veertig jaar eerder, wordt opgezet. Toen waren ze nog met drie: de generaal, zijn jonge vrouw Krisztina en Konrád. Wachtend op zijn gast, roept de generaal in een lange flash-back de geschiedenis van zijn vriendschap voor Konrád op. Henrik, de zoon van een rijke landeigenaar-gardeofficier, sloot in de kadettenschool te Wenen met Konrád, zoon van verarmde Poolse adel, een vriendschap zonder weerga, waarin alles onbaatzuchtig gedeeld werd en ze elkaar alles vergaven. Toch is Konrád geen echte militair, wat hem van Henrik onderscheidt is de passie voor de muziek. Als hij het kasteel betreedt en de beide mannen tegenover elkaar aan tafel zitten, weet de lezer al uit de voorzichtige hints die Márai door zijn verhaal strooit dat er iets ergs gebeurd is. De volgende driekwart van het verhaal bestaat uit het gesprek tussen de beide mannen, uit de soms vaak bladzijdenlange monologen van de generaal. Hij heeft veertig jaar de tijd gehad om dit te overdenken. Henrik hoopt de waarheid te weten te komen: had Konrád een verhouding gehad met Krisztina, die evenzeer als hij anders was, zijn passie voor de muziek deelde? Henrik is ervan overtuigd dat Konrád hem tijdens een jachtpartij veertig jaar eerder heeft willen doden. In elk geval is Konrád na het jachtincident verdwenen en is hij naar Maleisië vertrokken. Ontzet door wat hij vermoedde, heeft de generaal Krisztina nooit meer gesproken, ook niet toen ze acht jaar later in haar kamers stierf. Nu, tijdens dit laatste samenzijn, wil hij de waarheid weten. Was de achterzijde van deze vriendschap werkelijk haat? Dit is Henriks uur van de wraak: uit de details wil hij de waarheid weten. Márai is meesterlijk in het suggereren, in het opschroeven van de spanning. Het geheim zal nooit opgeklaard worden, er is te veel tijd verstreken, wat overblijft is melancholie om de intensiteit van de passie, die ze beiden verraden hebben en die alleen het leven zin kan geven.
Deze geschiedenis van vriendschap en verraad, liefde en wraak wordt door Márai verteld in een klassiek uitgebalanceerd proza van een tijdloze schoonheid. Subtiel en indringend, met een sterke affiniteit voor geruchten, kleuren, klanken en spitse details wordt hier de verloren gegane wereld der Donaumonarchie gerestaureerd. Dit is meer dan het verhaal van een driehoeksverhouding, hier wordt gepeild naar de eeuwige vragen van schuld, vergeving, verzoening. Een terecht groots verhaal. Het wordt verfilmd met Anthony Hopkins en Judith Binoche in de hoofdrollen. [Jos Van Damme]
Copyright (c) Vlabin-VBC20001231http://www.deleeswolf.be