Beschrijving

Recensie

In de reeks 'Boe!Kids' verschijnen regelmatig nieuwe deeltjes voor verschillende leesniveaus. De hoofdpersonen blijven steeds dezelfde (Boe, Pier, Wolf, Nes, Pas en Mie), de moeilijkheidsgraad van het verhaal, de bladschikking, de lengte van hoofdstukken, woorden en zinnen, en de aanwezigheid van illustraties daarentegen variëren naargelang het leesniveau. Frieda Van Raevels is ondertussen, na haar vele werk samen met Marc de Bel voor de verhalen rond Spikkel & Spekkie, de vaste illustratrice geworden voor de 'Boe!Kids'. Ze heeft een herkenbare stijl, kleurig en luchtig, die goed past bij de eenvoudige verhalen in deze reeks. De auteurs wisselen naargelang het verhaal. Deze keer is het opnieuw de beurt aan Thea Dubelaar. Het spookje Boe rijdt op de onzichtbare olifant Ol. Samen gaan ze naar het meer om elkaar nat te spuiten. Wolf gaat niet mee, want hij gaat liever bellen blazen met Mie. Boe houdt niet van bellen blazen, want die lijken te veel op wiffers, en daar moet hij niets van hebben. Nes komt van de kapper en staat te wachten op de veerboot. Ol en Boe naderen haar en willen haar een poets bakken door haar eens goed nat te spuiten. Nes wordt echter kwaad en al haar vrienden vinden het maar een flauwe grap van Boe. Ze blazen allemaal bellen naar het spookje, waarvan eentje doel raakt. De bel slorpt Boe op en zo ontstaat er een wiffer. Slagen de vrienden er in om Boe te redden van de wiffer?
Het verhaal loopt uiteraard goed af en heeft ook als boodschap dat wat de ene grappig vindt, daarom niet grappig is in de ogen van een ander. Achteraan staan nog wat eenvoudige spelletjes, waarmee lezertjes kunnen uitzoeken of ze het verhaal goed hebben begrepen en geïnterpreteerd. Het is een speelse afsluiter die de kinderen stimuleert om aandachtig te lezen. Een grappig verhaaltje met kleurrijke illustraties voor de beoogde leeftijdsgroep. [Patrick Bruneel]
Copyright (c) Vlabin-VBC2014http://www.deleeswelp.be
Thea W.A.M. Wolbink
Spookje Boe en zijn vijf griezelvriendjes beleven een spannend avontuur als Pas een bel blaast waardoor Boe wordt opgeslokt. Zo'n bel noemen ze een Wiffer. Deel in de serie 'Boe!kids'* over dezelfde zes figuren die allerlei dingen beleven. Het verhaal is spannend verteld en heeft een positief einde. De tekst bestaat uit vijf hoofdstukken. Het is in de tegenwoordige tijd geschreven, in korte eenvoudige zinnen, merendeels enkelvoudig, waarin ook meerlettergrepige woorden zijn gebruikt. De zinnen beginnen met een hoofdletter en er wordt gebruikgemaakt van interpunctie, AVI-M4. Het is een behoorlijk pittig verhaal voor de doelgroep. De expressieve illustraties ondersteunen de tekst en bestaan uit vrolijk gekleurde platen met zwarte contouren. De figuren zijn stripachtige, vriendelijke griezels. Achter in het boek staan spelletjes waarvoor je de inhoud van het boek moet kennen. Op het omslag is Boe glanzend afgebeeld, op de achterkant zijn vriendjes ook. Vanaf ca. 7 jaar.
© NBD Biblion