Beschrijving

Recensie

Ergens waar alles danst

Alexandra De Vos, 03 maart 2017

Klassiek. Bijna alle verhalen van de vlindervlugge, vroegrijpe Truman Capote zijn verzameld in een bundel. Korte verhalen waren de grote liefde van de schrijver van In koelen bloede. 'Wie verhalen schrijven een vingeroefening noemt, die gebruikt alleen zijn vingers.'

Amerika heeft in de twintigste eeuw een paar literaire reuzen voortgebracht. Faulkner, Hemingway, Fitzgerald, ze lijken mythische gestalten die oprijzen uit het landschap, als de stenen beelden op Paaseiland. In de schaduw van hun eeuwige roem lopen mindere goden. Zoals Truman Capote (1924-1984), een schrijver die te onstandvastig, te feilbaar bleek om naar het hoogste schavot te klimmen. Misschien was hij ook wat te excentriek om de grote namen van de literaire kritiek (de 'zich op de borst trommelende he-men', zoals hij ze noemde) te bekoren. Capote was midden jaren 40 in New York geland, vanuit het verre Alabama - een tengere blonde jongen die een baantje vond als assistent bij The New Yorker. Een collega bij het literaire magazine herinnerde zich de 17-jarige als 'een adorabele verschijning, die door de gangen van het gebouw fladderde'.

Maar Capote was niet alleen vlindervlug en charmant, hij bezat ook vroegrijp talent. Hij had zich sinds hij elf was op het schrijven van verhalen gestort, verhalen met de smaak van het Zuiden en een donker randje eigen temperament. De geuren van seringen in de lente en van kaneelstokjes uit de keuken vervlochten er zich met spookverschijningen, eigenaardige karakters en het noodlot dat plots toeslaat. De jonge Capote voegde zich van nature naar de Southern Gothic, de donkere literaire fantasie die ook bedreven werd door auteurs als Carson McCullers en Tennessee Williams.

Ook toen Capote een New Yorker werd en zijn verhalen koel en kosmopolitisch smokkelde hij een vleug Southern Gothic mee. Meer dan een vleug: in zijn beste verhalen klopt het eenzame hart van het Zuiden en haar drang naar schoonheid en verlossing. In die stadse verhalen wordt Capote een vlinder die zich, opgesloten in een kamer, tegen het raam te pletter fladdert - op zoek naar licht en bloemen. Of, zoals een kleine Miss uit Tennessee het zegt in een van Capotes verzamelde verhalen: 'Niet dat ik hier woon, niet echt. Ik denk altijd aan ergens anders, ergens waar alles danst zoals mensen op straat dansen en waar alles mooi is, zoals kinderen op hun verjaardag.'

Vervreemding

En of ze dansen, Capotes verhalen. De innerlijke muziek van woorden, vond hij, was even belangrijk als inhoud. In 'De legende van Preacher' wacht een stokoude, levensmoeë zwarte tot 'Meneer Jezus' hem meeneemt, 'over de heuvelrug waar vuurvliegjes kleine maantjes op de blauwe lucht borduren'. In 'Een nachtboom' rolt een ijzige wintermaan langs de nachtelijke hemel 'als een dun wit rad' en in weer een ander verhaal komt een nieuwe maan op 'als een reepje citroenschil'.

Nacht en mysterie en een gevoel van vervreemding houden een paar van de sterkste verhalen in hun greep. Een eenzame weduwe komt in een besneeuwd New York oog in oog te staan met Miriam, een albinokind met lange zilveren haren en een zijden jurk. Haar ontmoeten is één ding, van Miriam af geraken is een ander. Capote schreef 'Miriam' toen hij achttien was, maar het effect is verkillend, het doet denken aan Poe en de spookverhalen van Edith Wharton. Even unheimlich zijn 'De havik zonder kop' - waarin een kunsthandelaar in de ban komt van een wereldvreemde schilderes - en de uit het graf opgestane Lazarus in 'Een nachtboom'.

Het antigif tegen al dat duister leverde Truman ook, in verhalen vol licht en warmte.

Het boerengat Monroeville is het decor van jeugdherinneringen en halve sprookjes - zoals 'De buikfles van zilver', waarin een lokale kruidenier een schat aan muntjes verloot onder zijn klanten. In een later verhaal is Kerstmis een tijd van isolement, maar in de drie kerstverhalen die Truman-als-kind opvoeren ligt het paradijs om de hoek. Dat is de verdienste van zijn tante Sook, een simpele ziel, spichtig als een krielkip, en net als Truman - die door zijn ouders bij verwanten gedropt was - een beetje 'anders'. Maar Sook heeft oog voor de schoonheid van alledaagse dingen en met haar prepareert de kleine Truman heerlijke feestschotels en zilverpapieren kerstversiering. 'Zij was mijn beste vriend, ik was haar beste vriend', voor altijd - tot 'Zij Die Weten Wat Goed Voor Mij Is' er anders over beslissen. Lees 'Een kerstherinnering' en ween.

Klatergoud

Ook de laatste verhalen in de verzameling stemmen triest. Niet omdat ze hartbrekend zijn maar omdat ze de magie van het jeugdwerk missen. 'Mojave' en 'Jachten en zo' spelen zich af in de beau monde die de veertiger Capote frequenteerde. De schrijver was met Ontbijt bij Tiffany en In koelen bloede een succesrijke en beruchte romancier geworden. Zijn imago van relnicht en voorliefde voor roddel maakte hem tot een graag geziene gast in talkshows en tot een vertrouweling van rijke New Yorkse societyvrouwen. Maar de schoonheid die hij daar zocht was klatergoud.

Toen hij in proza de achterkant van dat glamoureuze wereldje belichtte - de affaires, het cynisme - werd hij van de Olympus gegooid. De vlucht in pillen, drank en foute vriendjes betekenden het einde van zijn carrière en de doodsteek voor zijn lever. Capote stierf op zijn tweeënvijftigste, maar Capote-de-schrijver ging eerder ter ziele.

Die schrijver vond het korte verhaal een kunst en noemde het zijn 'grote liefde'. 'Wie verhalen schrijven een vingeroefening noemt, die gebruikt alleen zijn vingers', zei hij daarover. Hij bedreef zijn grote liefde vooral als tiener en twintiger. Alle verhalen bevat het bezielde licht en donker, en alle dansende vlinderkleuren waartoe het jonge blonde godenkind in staat was. Al zijn het niet àlle verhalen - ondertussen zijn in 2015 pareltjes ontdekt die Capote tussen zijn dertiende en achttiende schreef (gebundeld in Waar de wereld begint). We zeiden het al, een vroegrijp talent.

Met een nawoord van Annelies Verbeke. Vertaald door Guido Golüke, Joop van Helmond en Harry Pallemans, Podium, 402 blz., 25 €.

03 maart 2017© De Standaard 10